Poole, Jaap le

Gepubliceerd op

Jaap le Poole (1914 – 1993) was een zoon van de in 1931 overleden Leidse textielfabrikant Samuel le Poole. In plaats van zijn vader op te volgen ging Jaap Indisch recht studeren en stortte zich in het Leidse studentenleven van het Leidsch Studenten Corps. Na zijn afstuderen kreeg hij een betrekking bij de Octrooiraad in Den Haag. Met zijn vrouw Corry Bauer (gehuwd in 1939) vestigde hij zich in Noordwijk aan Zee. In 1940 weigerde hij de ariërverklaring te tekenen, maar dat bleef zo goed als zonder gevolgen. Opvallend was het natuurlijk wel en wellicht dat hij om die reden gepolst werd (door André Koch) om informatie te verzamelen voor de Dienst Wim, een spionagegroep die informatie naar Engeland probeerde te sturen. Nadat deze groep grotendeels was opgerold bleef hij rapporten verzamelen voor een ander spionagegroepje. Net als Koch behoorde Le Poole tot de kring van het illegale blad Vrij Nederland.

In Noordwijk boden ze onderdak aan twee Joodse onderduikers. Toen zij hun woning moesten verlaten in verband met de aanleg van de Atlantikwall verhuisden zij naar het huis van zijn tante in Leiden. De onderduikers gingen mee. Ze werden de buren van ir. F. Guljé, met wie zij goed overweg konden.

Na de dood van hun zoontje Frits (de helft van een tweeling) eind december 1943 verhuisde Jaap naar Amsterdam, zijn gezin naar Sliedrecht. Eind augustus 1944 kreeg hij via de gedropte geheim agent jhr. mr. Robert de Brauw van de regering in Londen de opdracht contacten te leggen met personen die het College van Vertrouwensmannen moesten gaan vormen. Le Poole werd secretaris van dit college, waarin onder meer de Leidse jurist R. Cleveringa zitting had.

In september 1945 werd Le Poole directeur van de Stichting Toezicht Politieke Delinquenten (STPD), die zich beijverde om de politieke delinquenten na het uitzitten van hun straf weer in de maatschappij te laten terugkeren (reclassering) en zo te voorkomen, dat er zich een flinke groep paria’s zou ontstaan die een gevaar voor de samenleving zouden kunnen vormen, bijvoorbeeld om zich aan te sluiten bij het communistisch extremisme.

Een politiek verdachte die Le Poole goed kende was zijn voormalige buurman F. Guljé, directeur van de Hollandse Constructie Werkplaatsen. Toen die in 1945 werd opgesloten in de Doelenkazerne op verdenking van economische collaboratie wendde Le Poole zijn invloed aan om Guljé weer op vrije voeten te krijgen. Dat lukte inderdaad, maar Guljé werd nooit berecht omdat hij op 1 maart 1946 in de deuropening van zijn huis werd doodgeschoten.

Bron onder meer Hinke Piersma, Op oorlogspad:  Jaap le Poole, verzetsman voor het leven (Amsterdam 2006).

Tekst aangevuld en verbeterd op 31 oktober 2022.