De donkere kamer van Damokles

De donkere kamer van DamoclesDe donkere kamer van Damokles is een roman van W.F. Hermans uit 1958. Het is een van de toppers uit de Nederlandse literatuur. Het verhaal speelt zich deels af in Leiden tijdens de Bezetting. Het is in 1963 verfilmd door Fons Rademakers onder de titel Als twee druppels water, maar deze film is zelden vertoond en wijkt hier en daar flink af van het boek.

Het verhaal in het kort
De sigarenwinkelier Henri Osewoudt in Voorschoten krijgt in de meidagen van 1940 bezoek van een Nederlandse militair Dorbeck. Dorbeck en Osewoudt lijken sprekend op elkaar, alleen is Dorbeck donkerharig en mannelijk, dit in tegenstelling tot Osewoudt, die blond is en vrouwelijke trekken heeft. Dorbeck komt bij Osewoudt in de winkel om een filmpje te laten ontwikkelen. Osewoudt laat dat altijd doen door een fotograaf maar dat is door de omstandigheden niet mogelijk.

Kort na de capitulatie komt Dorbeck opnieuw een fotorolletje brengen, ditmaal een rolletje van een gloednieuw model Leica III met het verzoek de afdrukken naar een bepaald adres op te sturen. Osewoudt besluit om dit rolletje zelf te ontwikkelen, maar dat pakt verkeerd uit omdat zijn moeder tijdens het ontwikkelen het licht aan doet. De afdrukken zijn vrijwel zwart. Lichtelijk in paniek besluit Osewoudt om zelf een nieuwe Leica te kopen en zelf wat foto’s te maken en die naar het adres op te sturen. Wanneer hij het eerste (gewone) fotorolletje van Dorbeck ontwikkelt en afdrukt blijken er drie gelukte opnamen op te staan. Dan begint een verhaal waarbij foto’s een belangrijke rol spelen.

De foto’s dienen in het boek een aantal maal als een soort legitimatiebewijs om te laten zien dat iemand betrouwbaar is. Dat werkt prima als degene die de foto toont ook inderdaad de juiste persoon is, maar de foto kan ook in verkeerde handen vallen. Zogenoemde V-mannen van de Duitse politie gebruikten informatie of papieren die bij arrestanten waren aangetroffen om het vertrouwen te winnen van de illegaliteit. Met noodlottige gevolgen.
De lezer volgt Osewoudt die in opdracht van Dorbeck allerlei verzetsdaden pleegt, bijna altijd met dodelijke afloop. Osewoudt wordt door de Duitse politie gearresteerd, komt weer vrij en gaat in opdracht van Dorbeck naar het bevrijde Zuiden van Nederland.

Daar wordt hij opgepakt omdat hij er van wordt verdacht een infiltrant van de Duitsers te zijn geweest en verantwoordelijk is voor vele arrestaties in de kringen van de illegaliteit. Tijdens de verhoren hoopt Osewoudt dat Dorbeck ten gunste voor hem zal komen getuigen, maar niemand kent Dorbeck en men denkt dat Osewoudt een fantast of een geslepen leugenaar is. Alles wijst in het nadeel van Osewoudt. Bij de verhoren spelen de foto’s een belangrijke rol als bewijsmiddelen, maar de belangrijkste foto waarop Dorbeck te zien zou moeten zijn is mislukt en alle getuigen zijn dood, onbetrouwbaar of onbereikbaar. Het verhaal loopt dramatisch af voor Osewoudt.

Osewoudt in Leiden
Wanneer Oswewoudt een vals pesoonsbewijs wil hebben komt hij terecht bij een zekere Meinarends aan de Hogewoerd. Voor zijn valse persoonsbewijs laat hij zijn haar verven in een kapperszaak in de Breestraat. Met de kapster Marianne Sondaar krijgt hij een relatie. Zij blijkt een ondergedoken Jodin te zijn. Via Meinarends krijgt hij een job in een huis van de illegaliteit aan de Zoeterwoudsesingel, waar hij in een donkere kamer fotorolletjes moet ontwikkelen die spionagemateriaal bevatten.

Het thema van het boek
Volgens Hermans is het misverstand het centrale thema van het boek. Hij laat zien dat het heel moeilijk is om “de werkelijkheid” te kennen, omdat er heel vaak misverstanden zijn, gebaseerd op de eigen waarneming van de onderzoeker. Dat klinkt ons nu bekend in de oren, maar het was in 1958 zonder meer iets bijzonders om dat zo in de literatuur te verwerken. Hermans manier om over de Bezetting te schrijven was zonder meer vernieuwend. Nederland was nog erg gehecht aan de heldenverhalen over het gewapend verzet. Nog steeds. Het boek van Hermans heeft op dat vlak nauwelijks invloed gehad. Zelfs nu nog in de 21e eeuw is er een onverzadigbare honger naar heldenromantiek. Los daarvan blijft De donkere kamer van Damocles qua thematiek een buitengewoon boeiend boek met regelmatig spannende, (tragi-)komische en zelfs absurdistische verwikkelingen.

Damokles
Op Wikipedia kun je het verhaal lezen over Damokles en het zwaard boven zijn hoofd. Damokles was in de vierde eeuw vóór Christus een hoveling van de Dyonisius de oudere, tyran van Syracuse. Tijdens een banket zag Damokles dat er een zwaard boven zijn hoofd hing aan een paardenhaar. Zo besefte Damokles dat zijn mooie positie voortdurend bedreigd werd. “Het zwaard van Damokles” is nu een uitdrukking om aan te geven dat er voortdurend een dreigend gevaar aanwezig is in een ogenschijnlijke voorspoedige situatie. Een beetje als het Coronavirus in 2020.

Bron:
Gebruik is gemaakt van René Marres, Over de interpretatie van De donkere kamer van Damokles van Willem Frederik Hermans. De gegevens over de adressen in Leiden is eigen werk van Leiden4045.nl

Go to Locatie

Locatie

1100+ locaties

Go to verhaal

verhaal

1100+ verhalen

Go to Tijdlijn

Tijdlijn

500+ datums

Go to trefwoord

trefwoord

400+ trefwoorden