Kiel, Jac.

Gepubliceerd op

In het dagelijks leven was Jac. Kiel (1894-1966) controleur bij de Raad van Arbeid. In 1940 besloten hij en Salomon den Os, die hij goed kende uit de Bijzondere Vrijwillige Landstorm, een poging te wagen om Duitse militairen aan het twijfelen te brengen over hun aanwezigheid in Nederland. Dat lukte niet best. Allereerst spraken beiden nauwelijks Duits, zodat de gesprekken moeizaam verliepen. Maar de militairen bleken vaak heilig overtuigd van hun eigen gelijk en waren absoluut niet van zins om ook maar iets te doen dat ook maar enigszins in de buurt van sabotage zou kunnen komen.

Hulp aan onderduikers
In 1942 werd Kiel door Den Os betrokken bij de hulp aan onderduikers voor de arbeidsinzet. Om de politieke betrouwbaarheid van de onderduikers te controleren besloten Den Os en Kiel tot een drastische en gevaarlijke stap: Kiel zou lid worden van de NSB om zoveel mogelijk gegevens te verzamelen voor het illegale werk.

Infiltratie in de NSB
Zodra Kiel zich per 1 april 1942 bij de NSB had aangemeld, kreeg hij het dringend verzoek werkend lid te worden en met Volk en Vaderland te gaan colporteren. Zijn weigering om aan dat verzoek gevolg te geven maakte zijn positie binnen de NSB al gauw verdacht en de hele opzet bleek ook bij betrouwbare kennissen op onbegrip te stoten. Daarom zei Kiel het lidmaatschap maar weer op per 30 september van hetzelfde jaar. De NSB was tenslotte ook niet helemaal onnozel en zeker gespitst op infiltranten.

Bijzondere Vrijwillige Landstorm en Ordedienst
In 1944 was Kiel lid van de Ordedienst, die voor een groot deel bestond uit oud-leden van de Bijzondere Vrijwillige Landstorm. Hij werkte mee aan de zuivering binnen de Bijzondere Vrijwillige Landstorm onder leiding van de plaatselijk commandant met het oog op het vormen van een gewapende groepering. Verder werkte hij mee aan de verspreiding van illegale bladen.